Historiek -
Kenmerken Decap orgels 
De Gebroeders Decap hebben er steeds naar gestreefd hun orgels een eigen karakter mee te geven. Zij zochten steeds naar verbeteringen en vernieuwingen. De Decap-orgels zijn dan ook zowel door uiterlijk als klankkarakter direct herkenbaar.
In 1933 kwam men uit met accordeons op de orgels. In 1935 werd het eerste drumstel zichtbaar op het front geplaatst. In 1936 kwamen de saxofoons op de fronten. In 1943 ging men voor de windvoorziening op ventilators over en in 1950 volgde het boekenwiel.
De Decap-orgels beschikten steeds over een uitgebreide ritmesectie; met complete drumstellen en aanvullende slagwerkinstrumenten zoals woodblok, tamboerijn, tempelklokken, rumbaballen enz. zodanig dat alle dansritmes kunnen gerealiseerd worden.
In 1953 werd voor de eerste maal gebruik gemaakt van electronische instrumenten en geleidelijk aan is het gebruik van de electronica ingeburgerd in de orgeltechniek en heeft men electronische besturingssystemen gaan invoeren.
Niettegenstaande deze moderne technieken is steeds de vroegere pneumatiek aanwezig gebleven en is men vanaf 1989 terug begonnen met het bouwen van pijporgels.